Bosanemoontjes en speenkruid

Ooit, heel lang geleden toen ik in het zesde leerjaar zat, leerden we over deze bloempjes.  Het was een stralende lentedag en in de voormiddag hadden we een saaie rekenles.  Zuchten en blazen, hielp niet.  Alle oefeningen moesten gemaakt worden.  Maar als we goed ons best deden, was er in de namiddag een verrassing.  Dus wij maar zwoegen op al die sommen.

Eindelijk, na de middagboterhammen was het zover.  We trokken erop uit met de fiets.  ( Iedereen kwam in die tijd met de fiets naar school en wie tevoet was, kon een fiets lenen van iemand van een andere klas.).  We gingen leren over de eerste lentebloeiertjes, bosanemoontjes en speenkruid.  Ik moet daar eerst nog een kleine anekdote over vertellen.   Langs Leirekensroute reden we naar het plekje waar onze juf deze bloempjes gevonden had.  Leirekensroute is een fietsroute en daar staan dus regelmatig paaltjes op de weg zodat auto’s er niet door kunnen.  De juf had ons verwittigd dat als we deze zagen, we naar de achterliggende fietsers ‘paaltjes!’ moesten roepen.  De eerste paaltjes kwamen in zicht dus ik, heel ijverig en bekommerd om mijn klasgenootjes, met mijn hoofd over mijn schouders roepen : ‘paaltjes!’  Lomp natuurlijk van over mijn schouder te blijven kijken want ik botste erop en heel elegant vloog ik over mijn stuur.  Gelukkig niks erg en na de eerste schrik hebben we er zalig om gelachen.

De les over de bloempjes vond ik ook echt zalig.  Toen zat die liefde voor alles wat groeit en bloeit er ook al serieus in.

IMG_1963Het bosanemoontje ( anemone nemorosa) is een lage vaste plant uit de ranonkelfamilie.  Het heeft lieve, witte bloempjes en bloeit tussen maart en mei.  Heel kenmerkend is de wortelstok met witte knoppen erop juist onder het grondoppervlak.  Het plantje is niet zomaar tevreden met zomaar elke tuingrond.  Het groeit graag op een losse, voedselrijke bodem die winternat is, vooral in bos en onder bladverliezende struiken.  In het hallerbos (van de bekende blauwe boshyacinten) vind je ze nu in overvloed.  Ik heb ze bij ons in de tuin aan de rand van ons vogelboske, onder de struiken gezet en elk jaar krijg ik er meer en meer.  Het plantje groeit aan dankzij zijn kruipende wortelstok.  Maar ook mieren zouden helpen bij de verspreiding.  De zaden hebben een mierenbroodje waar ze verzot op zijn.  De noeste werkertjes zeulen de zaden mee, morsen wat onderweg en een nieuw plantje kan ontstaan.  Toch prachtig he!

IMG_1964Speenkruid (Ficaria verna of Ranunculus Ficaria) is ook zo’n tof vast plantje uit de ranonkelfamilie.  Het is een laagblijvend plantje, niet hoger dan 5 cm met boterbloemgele bloempjes.  Deze groeit liever in de zon of lichte schaduw en ook op vochtige, humeuze grond.  De wortelstokken zijn knotsvormig verdikt, de zogenaamde speentjes.  Dit zijn reserveorganen waaruit het volgende jaar de nieuwe planten ontstaan.  Er is ook een ongeslachtelijke voortplanting door okselknolletjes die vooral na de bloei in de oksels van de bladstelen zitten.  Speenkruid kan veel voedsel opslaan en zo de planten in de buurt benadelen.  Daarom wordt het door sommigen als onkruid beschouwd.  Alle soorten kolen doen het naast dit plantje niet goed.  Het bloeit van maart tot april en verdwijnt daarna terug onder de grond.

De blaadjes van speenkruid bevatten veel vitamine c.  Vroeger werd het tegen scheurbuik gebruikt.  Maar ik zou er niet zomaar van eten.  Eens de plant begint te bloeien, zit er teveel protoanemonine in de bladeren.  Dit is een gifstof.  Ook in bosanemoontjes zitten giftige stoffen.  Als je ze plukt, kunnen de vrijgekomen sappen voor huidproblemen zorgen.  Heel slim van die schattige bloempjes he…

IMG_2010

Advertenties