Mottenkruid

Nog zo’n tof bloemeke uit onze tuin.  Ik schrijf hier tegenwoordig over niks anders meer precies.  Maar er staan er deze dagen zoveel hier he.

IMG_2151

ik kreeg de plant zeker vijftien jaar geleden van de vroegere buurjongen van de lieve wederhelft.  Waar we toen woonden, kreeg hij een plaats in de bloemenweide en zaaide zich wat uit.  Ik heb hem mee verhuisd naar Groen Genot en ook hier voelt hij zich thuis.

Mottenkruid of Verbascum blattaria is een toorts, tweejarig en soms zelfs meerjarig.  Het bloeit van juni tot augustus.  Wordt 60 cm tot 1,20 m hoog en groeit liefst op een zonnige plaats in arme grond.  Ik vind het mooi in de border als verticaal element.

IMG_2152

Mottenkruid komt ook in het wild voor maar staat in Vlaanderen op de rode lijst als zeer zeldzaam.  In Wallonië zelfs als ernstig bedreigd.   Ook daarom koester ik hem in onze tuin…

IMG_2154

Duizendguldenkruid

Nu zal ik toch eens met de lotto moeten meespelen!  Ik kreeg een teken.  Ineens staat hier Duizendguldenkruid in de zonneborder!  Ik weet niet vanwaar het komt.  Duizendguldenkruid of Centaurium erythraea is een mooi roze bloempje uit de Gentiaanfamilie.  Vorig jaar  stond het ineens naast onze oprit en nu staat het helemaal aan de andere kant in de tuin.

IMG_2158

Ik ging eens googelen en vond dat het eigenlijk een toverkruid is.  Als je het op 24 juni om 12 uur ’s middags plukt en in je portemonnee steekt, zou deze nooit leeg geraken.  Tja…

Het is een plant die ook heel geneeskrachtig is, las ik.  De thee van de bloempjes zou heel goed zijn voor de lever.  Alleen echt niet lekker, heel bitter.

Ik geniet hier van de mooie bloempjes en van het feit dat deze plant gewoon zelf mijn tuin uitkoos om te verblijven.  Ik voel me gezegend…

IMG_2159

Bosorchis

IMG_2139Hier staat ze dan!  Zo fier als een gieter… te bloemen.

Vorig jaar kreeg ik zomaar dit plantje cadeau van Jens en Leen van Natuurpunt.  Ze kochten het bij Ecoflora in Halle.  Zij hadden al enkele keren geprobeerd om het te introduceren in hun tuin.  Maar de Bosorchis voelt er zich niet thuis.  Zij hebben hele droge zandgrond.  Maar deze schoonheid heeft liever een vochtige bodem met toch wel een beetje leem.  In de buurt van onze poel zou dat dan misschien wel kunnen lukken, opperde Jens.

In een klein potje, waar ze haar goed in verzorgd hadden, kreeg ik ze mee naar huis. Ik zocht een plekje in de halfschaduw en waar ze niet kon overwoekerd worden door gras.  Met veel liefde heb ik haar daar goed in ’t oog gehouden.  Maar in ’t najaar kwijnde ze weg.  O jee, en in de winter was ze helemaal verdwenen.  Dan heb ik een stokje aan haar plaats in de grond gestoken zodat ik zeker niet kon vergeten waar ze stond.  En in het voorjaar was ze daar ineens weer, fris en monter!  Plezant, he?

IMG_2051

En nu bloemt ze al bijna vier weken.  Ik ken ze eerlijk gezegd niet, onze inheemse orchideeën.  De bosorchis of Dactylorhiza fuchsii zou een ondersoort zijn van de gevlekte orchis.  In Vlaanderen staat ze op de Rode lijst als zeldzaam.  Ik hoop dat de dame in onze tuin zich dus wil uitzaaien.  Wordt hopelijk vervolgd…

Met heel veel dank aan Jens en Leen van Natuurpunt!

Korenbloemen…

Korenbloemen…

Zo enthousiast gelukkig als een klein kind voelde ik me, toen ik ze ontdekte.  Ik kwam van een zwoele nachtshift en wandelde nog even door de tuin om te bekomen.  En toen zag ik ze!  Twee korenbloemen in ons bloembollenweitje!

IMG_2135

Ik had ze er niet zelf gezet.  ’t Is te zeggen, toch bijna niet.  Zeven jaar geleden, toen we de Tamme Kastanje daar aangeplant hebben, had ik rond de stam de grond ‘grasvrij’ gemaakt.  Daar een eenjarig bloemenmengsel ingezaaid.  En daar waren korenbloemen bij.  Maar ondertussen waren die al een tijd terug verdwenen.

IMG_2133

En nu, jaren later, stonden ze ineens enkele meters verder, zomaar tussen het gras!  Toch echt veel boeiender dan kort geschoren, kapot gespoten gazonnetjes he…

IMG_2136

Ook Oranje Havikskruid staat nu te pronken in het gras.  Maar hier heb ik echt bedrog gedaan.  Die heb ik wel aangeplant…

IMG_2138

Bosanemoontjes en speenkruid

Ooit, heel lang geleden toen ik in het zesde leerjaar zat, leerden we over deze bloempjes.  Het was een stralende lentedag en in de voormiddag hadden we een saaie rekenles.  Zuchten en blazen, hielp niet.  Alle oefeningen moesten gemaakt worden.  Maar als we goed ons best deden, was er in de namiddag een verrassing.  Dus wij maar zwoegen op al die sommen.

Eindelijk, na de middagboterhammen was het zover.  We trokken erop uit met de fiets.  ( Iedereen kwam in die tijd met de fiets naar school en wie tevoet was, kon een fiets lenen van iemand van een andere klas.).  We gingen leren over de eerste lentebloeiertjes, bosanemoontjes en speenkruid.  Ik moet daar eerst nog een kleine anekdote over vertellen.   Langs Leirekensroute reden we naar het plekje waar onze juf deze bloempjes gevonden had.  Leirekensroute is een fietsroute en daar staan dus regelmatig paaltjes op de weg zodat auto’s er niet door kunnen.  De juf had ons verwittigd dat als we deze zagen, we naar de achterliggende fietsers ‘paaltjes!’ moesten roepen.  De eerste paaltjes kwamen in zicht dus ik, heel ijverig en bekommerd om mijn klasgenootjes, met mijn hoofd over mijn schouders roepen : ‘paaltjes!’  Lomp natuurlijk van over mijn schouder te blijven kijken want ik botste erop en heel elegant vloog ik over mijn stuur.  Gelukkig niks erg en na de eerste schrik hebben we er zalig om gelachen.

De les over de bloempjes vond ik ook echt zalig.  Toen zat die liefde voor alles wat groeit en bloeit er ook al serieus in.

IMG_1963Het bosanemoontje ( anemone nemorosa) is een lage vaste plant uit de ranonkelfamilie.  Het heeft lieve, witte bloempjes en bloeit tussen maart en mei.  Heel kenmerkend is de wortelstok met witte knoppen erop juist onder het grondoppervlak.  Het plantje is niet zomaar tevreden met zomaar elke tuingrond.  Het groeit graag op een losse, voedselrijke bodem die winternat is, vooral in bos en onder bladverliezende struiken.  In het hallerbos (van de bekende blauwe boshyacinten) vind je ze nu in overvloed.  Ik heb ze bij ons in de tuin aan de rand van ons vogelboske, onder de struiken gezet en elk jaar krijg ik er meer en meer.  Het plantje groeit aan dankzij zijn kruipende wortelstok.  Maar ook mieren zouden helpen bij de verspreiding.  De zaden hebben een mierenbroodje waar ze verzot op zijn.  De noeste werkertjes zeulen de zaden mee, morsen wat onderweg en een nieuw plantje kan ontstaan.  Toch prachtig he!

IMG_1964Speenkruid (Ficaria verna of Ranunculus Ficaria) is ook zo’n tof vast plantje uit de ranonkelfamilie.  Het is een laagblijvend plantje, niet hoger dan 5 cm met boterbloemgele bloempjes.  Deze groeit liever in de zon of lichte schaduw en ook op vochtige, humeuze grond.  De wortelstokken zijn knotsvormig verdikt, de zogenaamde speentjes.  Dit zijn reserveorganen waaruit het volgende jaar de nieuwe planten ontstaan.  Er is ook een ongeslachtelijke voortplanting door okselknolletjes die vooral na de bloei in de oksels van de bladstelen zitten.  Speenkruid kan veel voedsel opslaan en zo de planten in de buurt benadelen.  Daarom wordt het door sommigen als onkruid beschouwd.  Alle soorten kolen doen het naast dit plantje niet goed.  Het bloeit van maart tot april en verdwijnt daarna terug onder de grond.

De blaadjes van speenkruid bevatten veel vitamine c.  Vroeger werd het tegen scheurbuik gebruikt.  Maar ik zou er niet zomaar van eten.  Eens de plant begint te bloeien, zit er teveel protoanemonine in de bladeren.  Dit is een gifstof.  Ook in bosanemoontjes zitten giftige stoffen.  Als je ze plukt, kunnen de vrijgekomen sappen voor huidproblemen zorgen.  Heel slim van die schattige bloempjes he…

IMG_2010

Hibiscus trionum

img_1360Nog zo’n bloemekes die ik plezant vind om te hebben.  Allee, zeg maar bloemen, want ze hebben  zo’n vijf cm diameter.  Hibiscus trionum of drie-urenbloem, elke bloem zou maar drie uren bloemen.  Dat merk je echter niet, er staan er genoeg op.  Ze is van de kaasjeskruidfamilie of malvaceae.  In Azië, Afrika en Australië wordt ze beschouwd als onkruid.  Ze staat er op braakliggende terreinen en zaait zich er vrolijk uit.  Ik kocht ooit enkele plantjes bij ‘Silene’, kwekerij van speciale een- en tweejarigen.  Ze zaaien zichzelf steeds uit en zo staan ze elk jaar in onze tuin te blinken.

Hibiscus trionum staat het liefst op droge grond.  Ze bloeit van augustus tot in oktober, roomkleurig met een donker purperen hart.  Na de bloem verschijnen er decoratieve zaadblaasjes waar je de zaadjes gemakkelijk kan uitschudden.  Dat heb ik dan ook gedaan en zo heb ik weer iets leuk voor de zadenruil binnenkort.img_1359

Tagetes linnaeus.

imageVorig jaar volgde ik een workshop ‘zaden oogsten’ bij plantenkwekerij Silene in Buggenhout.  Lieve Adriaenssens nam ons mee in haar tuin en vertelde honderduit over haar planten.  We mochten van onze favorieten zaden nemen.  Hier nam ik zaad mee van Tagetes linnaeus. De bloemen zijn enkelbloemig, niet gevuld en ogen daardoor veel natuurlijker.  De plant zelf kan wel tot een meter hoog worden.  Tagetes die mooi te combineren is in een natuurlijke beplanting.

Hij is gevonden in de linnaeustuin in Zweden en zou eigenlijk een botanische vorm zijn.  Hij lijkt echt niet op de moderne cultivars.  Eigenlijk heb ik het niet zo voor die ‘stinkertjes’, de kleine perkplantjes die je in elk tuincentrum kan kopen.

Lieve kreeg het zaad van tagetes linnaeus van een plantenjager en die drukte haar op het hart dat ze het moest verspreiden.   Want deze plant mag echt niet verloren gaan.  Ik wil er graag mee helpen.  Daarom doe ik dit jaar ook mee met de Zadenruil.  Hierover binnenkort meer…

image